Re-story

View Original

📖 Tijd investeren in elkaar is een van de meest revolutionaire dingen die je vandaag kan doen

Philsan Osman

Op haar zestiende belandde de Somalische Philsan Osman samen met twee broers en zussen via gezinshereniging in Gent. Al snel misten ze iets. Het duurde een paar jaar voor Philsan en haar familie begrepen wat het was dat ze misten: gemeenschapsgevoel. In dit interview vertelt ze hoe zij dat gevoel opnieuw creëerden, en hoe ook jij en ik dat kunnen doen.

Dit verhaal is geschreven door Lisa Develtere en oorspronkelijk verschenen bij Sociaal.net. Wij bedanken Lisa dat we het ook hier mogen publiceren.

Philsan Osman (32) is educatief medewerker bij Avansa Oost-Brabant. Ze studeert tegelijk Afrikaanse talen en culturen en is vrijwilliger bij Black History Month, Burgerplicht en Spijker Magazine.

Daarnaast is ze met Re-story coöperant Dirk Holemans en Marie-Monique Franssen co-auteur van het boek Voor wie willen we zorgen? Ecofeminisme als inspiratiebron.

Zelf noemt ze zich een student. “Omdat ik nog studeer, maar vooral omdat ik elke dag dingen probeer bij te leren.” Voor Philsan is er een duidelijke rode draad in de ogenschijnlijk heel diverse engagementen die ze opneemt: “Gemeenschap creëren en zorg.”

“Dat gemeenschapsgevoel miste ik heel hard toen ik naar België kwam”, vertelt ze.

Op haar zestiende belandde de Somalische Philsan samen met twee broers en zussen via gezinshereniging in Gent. Hun moeder was hen voorgegaan. Net als veel Somalische vluchtelingen, woonde het gezin eerst een tijdje in buurland Kenia.

Gemis aan verbondenheid

“In Somalië ben je omringd door familie en vrienden. Je wordt de hele tijd gedragen en hebt minder het gevoel dat je alleen in het leven staat. In België waren we plots maar met zes.”

Het woord ‘cultuurshock’ omschrijft het gevoel niet goed, vindt Philsan: “Het is meer een gevoel van eenzaamheid dat langzaam opbouwt.”

Het duurde dan ook een paar jaar voor Philsan en haar familie begrepen wat het was dat ze misten. “In het begin word je voor de leeuwen gegooid. Je moet heel veel nieuwe indrukken verwerken en een nieuwe taal leren is best een intensief proces.”

“Ik hunkerde naar iets, maar wist niet zeker wat”, herinnert Philsan zich. “We zijn een gezin dat soms urenlang kan praten over dingen en dit werd een terugkerend thema.

We merkten dat we meer verwachtten van het leven. Uiteindelijk begon het ons te dagen: we misten het gevoel van verbondenheid met anderen.”

In Somalië kwamen mensen, vooral familie, gewoon bij Philsan thuis over de vloer.

“Ze kondigden hun komst niet aan, ze bleven een tijdje, aten van hetzelfde bord, sliepen waar jij slaapt en op een dag gaan ze weer verder. Ze delen een tijdje het leven met jou”, vertelt ze daarover.

Toen Philsan met haar moeder, broers en zussen de denkoefening deden hoe ze dat gemeenschapsgevoel hier in België opnieuw konden creëren, besloten ze al snel dat ze het wiel niet moesten heruitvinden: hun huis, waar iedereen vandaag nog samenwoont, is een plek waar verbinding kan gemaakt worden.

“Wie opvang, warmte of liefde nodig heeft, een plek om tot rust te komen, om jezelf opnieuw te bewapenen voor de harde wereld, kan bij ons terecht”, zegt Philsan. “We hoeven niet hetzelfde te denken, van dezelfde plek te komen of dezelfde ervaringen te delen. Het enige dat moet is elkaar behandelen als mens.”

Gemeenschap creëren en zorg bieden

Radicale openheid, noemt Philsan het. Maar dat is gemakkelijker gezegd dan gedaan, geeft ze toe.

Philsan: “Sommige van mijn vrienden geloven nog steeds niet dat ze hier op elk moment echt welkom zijn, ook als ik niet thuis ben. Je hoeft niet te zeggen wat er mis is, of zelfs te weten waarom je nood hebt om onder mensen te zijn.

Je mag gewoon naast mijn mama in de zetel komen zitten. Ze straalt rust en kalmte uit. Ze zal je waarschijnlijk drie vragen stellen, eten en drinken geven en met jou naar Turkse soaps kijken, een recente ontdekking van haar.”

Gemeenschap creëren zit vaak in van die kleine dingen, legt Philsan uit. “Het gaat om connectie met elkaar zoeken. Als mensen bij je komen eten, moeten ze voelen dat je geïnteresseerd bent. Dat je geeft om hoe het met hen gaat. En dat je hen zal proberen helpen als het niet goed gaat.”

“Veel mensen beseffen niet dat ze eenzaam zijn, dat ze andere mensen nodig hebben. Dat ze gezien, gehoord en gevoeld moeten worden. Het zijn basisdingen die we als mens nodig hebben. Je moet dus tijd en liefde steken in het zoeken van verbinding.”

De tweede rode draad in het leven van Philsan is zorg.

“Gemeenschap maken is niet gewoon zeggen: ‘Kom maar af’. Er schuilt ook de belofte in dat we voor je gaan zorgen. Dat ik je eten en drinken geef, een plaats bied om te slapen en naar je luister: dat is ook zorg.

Ik wil de liefde van mijn familie delen met anderen. Want ik heb het geluk dat ik veel liefde ken. Veel mensen kennen dat niet.”

Is dit soort verbinding creëren en zorgen ook geen taak van sociale professionals? Daarover is Philsan duidelijk: “Nee, je mag dat niet uitbesteden aan professionals. Het is een deel van ons mens-zijn. Vandaag zijn dingen die vroeger door je familie of gemeenschap gedaan werden allemaal een dienst geworden.”

Dat is geen goede evolutie, vindt Philsan. “Gemeenschap creëren kan overal en zorg bieden kan iedereen”, zegt ze.

“Mijn thuis is niet zo’n bijzondere plek. Wij hebben ook onze problemen en soms is het moeilijk om je huis open te stellen als je nood hebt aan ruimte voor jezelf. Maar het is tegelijk zo betekenisvol. Door dit te doen, wil ik ook tonen aan anderen: jij kan het ook.”

Toch zit het creëren van zorg en gemeenschap ook in haar job. Philsan is educatief medewerker bij Avansa Oost-Brabant.

Ze werkt rond de thema’s duurzaamheid, privileges en polarisatie. Ze begeleidt burgers om van hun project of initiatief een veilige en inclusieve plek te maken. (Holding space noemt Otto Scharmer dat in dit interview op Re-story.)

“Mensen zien soms niet in dat mensen welkom heten meer omhelst dan ‘welkom’ zeggen. Er moet een zekere graad van intentie en authenticiteit achter zitten. Mensen moeten voelen dat je aan hen gedacht hebt.”

Als je activiteiten wil organiseren in een buurthuis in een wijk waar veel mensen van Turkse origine wonen, zorg dan dat als er muziek opstaat, er af en toe een Turks liedje tussen zit, zegt Philsan. “Of als je gebak serveert, denk dan aan baklava.”

“Het zijn kleine dingen die mensen het gevoel geven dat je ook echt wil dat ze meedoen. Je moet niet de cultuur overnemen, maar toon dat je de moeite deed om erover te leren. Toon dat het belangrijk is dat ze erbij zijn.”

Vervreemding

Een ander groot thema dat Philsan nauw aan het hart ligt is de klimaatcrisis. Daarover schreef ze, samen met Dirk Holemans en Marie-Monique Franssen, het boek Voor wie willen we zorgen? Ecofeminisme als inspiratiebron.

“Ook bij klimaatverandering zie je het thema zorg opduiken”, zegt ze daarover. “Simpel gezegd zitten we vandaag in een situatie van een opwarmende aarde omdat we niet voor onze planeet zorgen.”

We kijken volgens Philsan op een foute manier naar onze natuurlijke omgeving. “We plaatsen onszelf buiten de natuur. Vinden dat we ermee mogen doen wat we willen.

Maar als we het tij willen keren, moeten we inzien dat we niet groter zijn dan de natuurlijke wereld. De natuur is geen decor, waar we naar kunnen kijken en dingen naar believen uit mogen nemen. Nee, we maken er deel van uit.

Als je de nood inziet om te zorgen voor elkaar, zie je ook de nood om te zorgen voor je directe omgeving en de natuur.

In die zin is het niet verrassend dat de klimaatcrisis vandaag op haar ergste punt zit, net nu we ons in een periode bevinden waarin we het sterkst van elkaar vervreemd zijn.”

We zijn van elkaar vervreemd, van de natuur en van de dingen die we produceren en consumeren, onderstreept Philsan.

“Daardoor zien we de linken niet” zegt ze, “We zien niet hoe onze daden een effect hebben op de natuur. En ook niet hoe we door ons te organiseren, actie te voeren en gemeenschap te creëren verandering kunnen realiseren.”

Philsan: “We moeten zorg weer politiseren. Zorg is niet enkel iets van de medische wereld. Ik, Philsan, moet zorgen voor mezelf, mijn familie, vrienden, buren, netwerk, collega’s, omgeving en de planten in mijn tuin.

Ik moet zoeken naar hoe ik in verbinding kom met de arbeider in een sweatshop in Bangladesh, een landbouwer in Somalië en iemand in de township van Soweto.

Hoe zorgen we voor elkaar vanop afstand? Dat is de vraag die ons moet bezighouden.”

En het antwoord? “Het is niet evident, omdat we allemaal deel uitmaken van een kapitalistische samenleving die ervoor zorgt dat we weinig of niet in contact komen met elkaar.

Daarom is tijd terugwinnen voor jezelf en investeren in elkaar een van de meest revolutionaire dingen die je vandaag kan doen.”

Leren van emancipatorische bewegingen

Philsan wijst naar de geschiedenis, waar we volgens haar te weinig naar kijken. “We kunnen veel leren van emancipatorische bewegingen van over de hele wereld.

Zij toonden dat je met heel weinig middelen heel veel kan bereiken. Ze bieden als het ware een handleiding van hoe je aan gemeenschapszorg kan doen.

Neem de Indiase Chipko-beweging in de jaren zeventig die gedragen werd door vrouwen. Ze woonden in de Garhwal-regio van de Himalaya in een gesloten ecosysteem en zorgden goed voor de natuur, omdat ze wisten dat de natuur ook voor hen zorgde.

Maar toen anderen massaal bomen kwamen kappen, liep het mis: er waren overstromingen, erosie, slechte oogsten.

De vrouwen beseften dat hun manier van leven op de helling kwam te staan. Dus begonnen ze zich te verzetten. Ze ondernamen allerlei kleine geweldloze acties die het moeilijker maakte om de bomen te kappen.

Een van die acties was zich vastbinden aan de bomen. Daar komt het woord ‘boomknuffelaar’ vandaan.

Een ander voorbeeld is de Afro-Amerikaanse militante beweging Black Panthers. Ze zijn uiteraard gecontesteerd, onder andere omdat ze geweld gebruikten.

Los daarvan is het een goed voorbeeld van mensen die met amper middelen er in slaagden om voor hun gemeenschap te zorgen. Ze richtten scholen en kinderopvang op, zorgden dat er eten was en creëerden jobs.”

Over zorgdragen kan je veel filosoferen, boeken schrijven en key-note speeches geven, zegt Philsan, maar in essentie moet je vooral in actie schieten.

“Zorg dragen is iets actief. Als een vriend hulp nodig heeft, moet je helpen. En ook voor het klimaat moeten we samen in actie schieten.”

Hoop als drijfveer

Een opwarmende aarde. Groeiende vervreemding. Kijkt Philsan moedeloos of hoopvol naar de toekomst? “Ik heb geen andere keuze dan hoopvol te zijn.

De enige reden waarom ik nu hier zit, is omdat mijn voorouders ooit hoopvol waren. Zonder hoop zouden zij nooit het juk van de kolonisator hebben kunnen afwerpen. Ze wisten niet dat hun strijd goed zou uitdraaien, maar ze hebben het wel geprobeerd.”

Hoop is een enorm belangrijke drijfveer, volgens Philsan. Zeker voor groepen die onderdrukking ervaren.

“Hoop wordt vaak gezien als zinloos. Als iets dat leidt tot inertie, tot het idee dat iemand anders het probleem zal oplossen.

Dat klopt niet. Het is net een levenslijn, voor mij bijna iets spiritueel. (Daarom moet hoop actief zijn, vertelt Ilse Simoens op Re-story).

Dat komt omdat ik uit een traditie kom waar het leven niet eindigt met de dood.

Mensen in België begrijpen dat niet goed, maar ik praat in mijn dromen nog met mijn oma en mijn vader, die in augustus overleden is.”

Voor Philsan is hoop dus een lijn die loopt van het verleden, over het heden naar de toekomst. “Het idee van hoop maakt dat je niet alleen activist bent in het nu, maar dat jouw acties vandaag voor iemand in de toekomst een soort lichtbron kunnen zijn.”

“Ik denk dat de jongere generaties van vandaag net een grote dosis hoop nodig hebben. Als wij als ouderen zeggen dat er geen hoop is, dan is de toekomst al bij voorbaat verloren. Dus blijf maar hoop hebben. Het is belangrijk.”

Het boek Voor wie willen we zorgen? Ecofeminisme als inspiratiebron van Dirk Holemans, Philsan Osman, Marie-Monique Franssen i verschenen bij Uitgeverij EPO. Meer info en bestellen.


Een vraag aan jou voordat je hier vertrekt …

Wat ons interesseert is wat de Re-stories die we maken met je doen. Het gaat niet alleen om bereiken, maar vooral om beraken.

Hoe maak jij verbinding met de mensen in je naaste omgeving?

Vertel het in de comments hieronder …